Export+van+biggen+loopt+terug
Achtergrond
© Koos Groenewold

Export van biggen loopt terug

7,01 miljoen biggen werden vorig jaar geëxporteerd naar het buitenland. Dit record zal hoogstwaarschijnlijk niet meer worden geëvenaard, door de krimp van de zeugenstapel. Spanje en Duitsland trekken al wat minder hard aan de Nederlandse biggen, door veranderende marktverhoudingen.

De export van biggen omvat ruim 40 procent van de totale biggenproductie in Nederland. Daarmee is dit een essentieel onderdeel geworden van de Nederlandse varkenshouderij. De biggenexport is in de loop der jaren fors toegenomen.

Onder invloed van de markt en productieruimte groeide het aantal zeugenplaatsen in Nederland ten koste van het aantal vleesvarkensplaatsen. En daarmee ook de noodzaak om biggen te exporteren. Ter illustratie: in 2000 gingen 3,7 miljoen biggen per jaar de grens over. Dat aantal is sindsdien bijna verdubbeld.

1,71 miljoen biggen in eerste kwartaal

In het eerste kwartaal van 2021 zijn nog 1,71 miljoen biggen geëxporteerd. Dat zijn 20.000 biggen, ofwel 1,2 procent meer dan in hetzelfde kwartaal van 2020. Ongeveer 54 procent van die biggen vond een bestemming in Duitsland.

Het op een na belangrijkste exportland voor biggen is Spanje met een aandeel van 27 procent. Bijna 13 procent van de Nederlandse exportbiggen ging naar België en Luxemburg. Italië en Polen zijn met respectievelijk 1,6 en 1,2 procent kleinere bestemmingen.

De eerste weken van het tweede kwartaal laten een neergaande trend zien. Zowel vanuit Duitsland als Spanje, de twee grootste importeurs van Nederlandse biggen, was sprake van een afnemende vraag. Dat heeft alles te maken met veranderde marktverhoudingen.

Stroevere biggenhandel

Met het stabiliseren van de vleesvarkensprijzen medio maart kwam ook een eind aan het van week tot week stijgen van de biggenprijzen. Dit ging gepaard met een stroevere biggenhandel in het algemeen en minder vraag vanuit exportbestemmingen.

Sinds de week voor Pasen lopen de Spanjaarden niet meer zo hard voor Nederlandse biggen. Ze kopen mondjesmaat en tegen aanzienlijk lagere prijzen.

Lege vleesvarkensstallen in Spanje

Hier speelt het traditionele fenomeen mee dat Spaanse integraties in het toeristenseizoen volop varkensvlees willen kunnen leveren. Als de toeristen weg zijn, is er minder behoefte aan slachtrijpe varkens. En dat betekent: nu minder biggen opleggen. In Spanje blijven vleesvarkensstallen zelfs tijdelijk leeg staan. Waarschijnlijk komt er in het najaar weer vraag naar biggen om deze stallen te vullen.

Het is wel de vraag hoe de biggenexport naar Spanje zich de komende jaren ontwikkelt. Integraties zijn bezig met de bouw van nieuwe zeugenbedrijven. Daardoor kan de vraag naar importbiggen binnen enkele jaren afnemen.

Ook de Duitsers trekken wat minder hard aan Nederlandse biggen. De voerprijzen stijgen en de Afrikaanse varkenspest heeft invloed op de prijzen. Hierdoor maken mesters minder haast met het opleggen van nieuwe biggen.

Minder animo onder Duitse handelaren

Wat op de vrije markt ook meespeelt, is dat Duitse handelaren niet zoveel zin hebben om nu weer biggen te kopen van Nederlandse exporteurs die een paar maanden geleden liever met de biggen naar Spanje reden, omdat ze daar meer konden vangen.

Vorig jaar heerste bij handelaren nog de vrees dat, door het stoppen van varkensbedrijven, het biggenaanbod sneller zou krimpen dan het aantal beschikbare vleesvarkensplaatsen in Nederland en Duitsland. Dit zou kunnen leiden tot een chronisch gebrek aan biggen.

Deze verwachtingen lijken niet uit te komen. Het absolute aantal biggen neemt af, maar het aandeel van de totale biggenproductie dat voor export beschikbaar komt, lijkt ongeveer gelijk te blijven.

Bekijk meer over:

Stelling

Loading

Weer

  • Woensdag
    11° / 9°
    70 %
  • Donderdag
    9° / 3°
    20 %
  • Vrijdag
    9° / 8°
    70 %
Meer weer