Martin+Scholten%3A+%27Diversiteit+geeft+de+sector+extra+kracht%27
Achtergrond
© Imagro

Martin Scholten: 'Diversiteit geeft de sector extra kracht'

Kringlooplandbouw biedt varkenshouders kansen om doelgericht en verdienstelijk in te spelen op wensen van de maatschappij. Eén verdienmodel is achterhaald. Afhankelijk van de regio en het vakman- en ondernemerschap wordt de varkenshouderij anders ingevuld. 'Maatwerk zorgt voor diversificatie en maakt de sector kleurrijker en robuuster', stelt Martin Scholten van Imagro.

Voor de varkenshouderij biedt kringlooplandbouw kansen om nieuwe wegen in te slaan. De CO2-footprint verder verlagen door varkensvoeders van diverse reststroomgrondstoffen zo efficiënt mogelijk om te zetten in voedsel. Maar ook door mest en urine zo beschikbaar te krijgen dat akkerbouwers die meststoffen optimaal kunnen benutten voor het telen van gewassen.

'Bij elke schakel in de voedselproductieketen is een in- en uitgang. Bij ketenkringlopen moet elke partij zorgen dat grondstoffen zo efficiënt mogelijk worden benut en de voortgebrachte bijproducten ook waardevol zijn voor andere schakels', stelt ecoloog en strategisch adviseur Martin Scholten van Imagro.

Dat vraagt om een goede connectie tussen de schakels.

'Als je met je aan- en afleverende partijen afspreekt wat exact nodig is en daarop kunt vertrouwen, is verspilling te voorkomen. Je kunt je volledig toeleggen op een optimale productie. Samen kun je faalkosten voorkomen.'

De echte kringloopslagen moeten nog worden gemaakt in de bedrijfsvoering

Martin Scholten, ecoloog en strategisch adviseur bij Imagro

Is de uitgangssituatie voor de Nederlandse varkenshouderij gunstig?

'Zeker niet op alle vlakken. Zo is de Deense varkenshouderij meer grondgebonden, zijn de bedrijven groter en verder met het verwerken van mest en benutten ze nieuwe technieken en technologieën sneller. De Spaanse varkenshouderij is sterk door het werken in integraties. Hier probeert elke schakel geld te verdienen aan de boeren. Wel heeft Nederland de mooiste varkensstallen, de beste varkens en de beste ondernemers.'

Martin Scholten, ecoloog en strategisch adviseur bij Imagro
Martin Scholten, ecoloog en strategisch adviseur bij Imagro © Imagro

Tekst gaat verder onder kader.

Martin Scholten, standplaats: Ottersum
Martin Scholten (63 jaar) is ecoloog en sinds 2021 strategisch adviseur bij Imagro. Daarnaast werkt hij als adviseur bij Wageningen University & Research en voor de Deense Universiteit van Aarhus. Als ecoloog denkt hij mee over nieuwe toekomstperspectieven voor het voedselsysteem en de transities die hiervoor nodig zijn. De draagkracht van de aarde is daarbij leidend. Scholten maakte deel uit van het Adviescollege Stikstofproblematiek onder leiding van Johan Remkes. De commissie-Remkes stond aan de basis van de LNV-visie over kringlooplandbouw die is vastgelegd in het rapport 'Niet alles kan overal'. In Haagse politieke kringen wordt ook graag een beroep gedaan op de inzichten van Scholten.

Welke kansen ziet u aan de varkensvoedingskant?

'Uitgangspunt bij kringloopdenken is om grondstoffen van zo dichtbij mogelijk en zo ver weg als nodig te betrekken. Er zijn nu eenmaal regio's waar de varkenshouderij meer geconcentreerd is, terwijl de akkerbouw op andere plekken plaatsvindt. Hetzelfde geldt voor het benutten van nieuwe eiwitbronnen of de teelt van specifieke voedergewassen.'

Voor welke eiwitbronnen van dichtbij ziet u kansen?

'Het blad van suikerbieten is de grootste plantaardige eiwitbron voor varkens die volop beschikbaar is. Het aminozurenpatroon is zelfs beter dan dat van soja. Royal Cosun heeft een experimentele fabriek waar ze op beperkte schaal eiwit uit bietenblad halen dat ze verwerken in preparaten voor sporters. Als het verwerken van die reststroom van de suikerbietenteelt op grote schaal plaats gaat vinden, zal deze eiwitbron ook zijn weg gaan vinden naar varkensvoeding. Veevoergrondstoffen op basis van insecten zitten er ook aan te komen.'

Grondstoffenmanagement is het verdienmodel onder kringlooplandbouw?

'Zo simpel is het. Wat je niet in het voer van varkens hoeft te stoppen, is directe winst en komt er aan de achterkant niet meer uit.'

Dieren hebben toch hun specifieke voedingsbehoeften om gezond te blijven en te presteren?

'De landbouw heeft zich te veel gefocust op maximalisatie van de productie. Je kunt voer van een steeds hogere kwaliteit aan varkens verstrekken en ze daar steeds beter op laten presteren. Toch wil dat niet zeggen dat ze dan het meest efficiënt met nutriënten omgaan en de laagste emissies hebben. Het is een kwestie van optimaliseren. Als met 40 procent minder input aan dure grondstoffen toch een productieniveau van 90 procent kan worden behaald, dan is dat onder de streep goedkoper voor de varkenshouder en ook nog eens duurzamer.'

Kostprijsefficiëntie is de gulden regel?

'Ongeacht voor welk concept of marktsegment je varkens produceert, moet je altijd efficiëntie gedreven blijven. Het is de basis van elk kringloopsysteem. Optimaliseren van de productie door constant bezig te zijn met onder meer de rantsoenen en de weerbaarheid van de varkens. Topigs Norsvin benut die gecombineerde visie in het fokprogramma van robuuste varkens.'

Valt er te kiezen uit meerdere kringloopsystemen?

'Niet alles kan overal. Het is maatwerk per ondernemer en verschillende verdienmodellen zullen ontstaan. De ene varkenshouder zit met zijn bedrijf in een intensieve regio en zal zich richten op precisielandbouw. Hij zal technieken en technologieën benutten om wat betreft circulariteit een zo scherp mogelijke koers te varen. Een andere varkenshouder zit in een regio met een karakteristiek landschap. Dan biedt natuurinclusief boeren een kans. Geld verdienen met varkens houden in korte ketens en leveren van publieke diensten waar dat kan.

'Zit iemand met zijn varkensbedrijf in de nabijheid van een grote concentratie aan consumenten, dan kan hij zich toeleggen op boerderijverkoop of aansprekende concepten. Maar je kunt ook onderscheidend varkensvlees produceren waarmee je inspeelt op specifieke wensen van consumenten zoals het houden van biologische varkens of het Beter Leven-keurmerk voor varkens. Of je kunt je varkensbedrijf op een andere manier verbreden, zodat je de kost kunt verdienen.'

De diversiteit in de sector gaat toenemen?

'Absoluut, je ziet dat het sectoraal gaan voor één verdienmodel, het produceren van voldoende varkensvlees van goede kwaliteit tegen de laagste kostprijs, zijn langste tijd heeft gehad. Marges voor de boeren zijn verdampt omdat andere partijen hun producten verwerken en voor hen naar de markt brengen. Uit nood is het een en ander in beweging gekomen.

'Concepten zie ik als de slagroom op de taart, maar de echte slagen moeten nog worden gemaakt in de bedrijfsvoering zelf: besparen op kosten van voer met kringloopgrondstoffen en waarde creëren uit goede mest voor goede bemesting. Kringlooplandbouw zal de varkenshouderij kleurrijker en robuuster maken. Diversiteit geeft de varkenssector extra kracht.'

Ziet u ook kansen aan de mestkant?

'Mest wordt een opbrengstenpost voor varkenshouders. Ze kunnen methaan winnen uit mest die met innovatieve ontmestingssystemen wordt geoogst. Met bronaanpak zijn emissies, verliesposten van mineralen, terug te dringen. Scheiden van vaste mest dicht bij de bron en urine apart opvangen en behandelen biedt kansen. Akkerbouwers zijn bereid te betalen voor hoogwaardige organische meststoffen en door de hoge kunstmestprijzen ook voor mineralenconcentraten. Met maatwerk is op het terrein van meststoffen nog veel te bereiken als je waardevolle producten weet te maken voor akkerbouwers.'

Heeft u nog een afsluitende boodschap?

'Er heerst nog koudwatervrees om de transitie naar kringlooplandbouw te maken. Gebieden met grote concentraties aan varkensbedrijven zullen minder intensief worden, maar de bedrijfsomvang zal er toenemen. Zulke ondernemers gaan voor het presteren op het scherpst van de snede.

'In transitiegebieden blijft er ook ruimte voor varkensbedrijven ingepast in het agrarische landschap, maar met een ander verdienmodel. De uniformiteit van varkensbedrijven verdwijnt vanwege maatwerk en de periferie zal in die diversiteit meeontwikkelen.'

Kleine tot onmogelijke opgave voor boeren
Met stikstofarmer ondernemen in de veehouderij en de juiste bemesting is 50 procent reductie van de stikstofuitstoot in de landbouw te behalen. Praktijknetwerken bewijzen dat de stikstofprestaties verbeteren. Met generieke maatregelen is nog 30 procent haalbaar. De rest wordt alleen bereikt met maatwerk in vakmanschap van de boer naar plek en boerderij. Een reductiedoelstelling van 12 procent ziet Martin Scholten als kleine opgave voor de boeren. In gebieden waar de stikstofuitstoot met meer dan 50 procent terug moet, is maatwerk de enige weg die wel een perspectief voor boeren biedt. Bij echt hoge reductiepercentages is dat een onmogelijke opgave voor boeren.

Online kennissessies

Vitale Varkenshouderij

Meld je hier aan

Stelling

Loading

Weer

  • Woensdag
    10° / 3°
    50 %
  • Donderdag
    10° / 3°
    20 %
  • Vrijdag
    11° / 4°
    70 %
Meer weer