%E2%80%98Provincie+richt+puinhoop+aan%2C+de+frustraties+groeien%E2%80%99
Nieuws
© Ron Magielse

‘Provincie richt puinhoop aan, de frustraties groeien’

Onder stoom en hoge druk komen met aanpassingen van het provinciale stallenbeleid is volgens Chris van der Heijden geen slimme zet. ‘Talloze onduidelijkheden leveren een karrenvracht aan vragen op. Dat vertraagt het proces en de kosten voor veehouders stapelen zich op’, stelt hij. ‘Boeren raken nog meer gefrustreerd, reageren gelaten en wij doen werk waar we niet op zitten te wachten. Bedrijfsontwikkeling en innovatie levert wel aan alle kanten verduurzaming op.’

De lentezon doet goed zijn werk als Chris van der Heijden beelden laat maken in het Mollebos in het Brabantse Gilze. Dat park ligt om de hoek bij een van de drie vestigingen van Van Dun Advies. ‘Ik maak mij zorgen over de bedrijfsontwikkeling in met name Noord-Brabant. De complexiteit en onduidelijkheid van provinciale regelgeving zorgt al zeven jaar voor stagnatie en frustratie. Als daarin niets verandert, gebeurt er de komende jaren nog niets.’

Wat is er volgens u aan de hand?

’Toen ik dertig jaar terug met milieuvergunningen en ruimtelijke ordeningsvraagstukken aan de slag ging, was de materie een stuk eenvoudiger en overzichtelijker. Voor varkensbedrijven werden voor geur- en ammoniakverspreiding afstandsgrafieken gebruikt. Voor ammoniak werd een tabel met een maximale afstand van 3 kilometer gehanteerd. Er was amper gedoe en juridische procedures waren er nauwelijks. Tegenwoordig moet je standaard uitgaan van bezwaren en een gang naar de hoogste rechter.’

Wanneer is het misgegaan?

‘Wat betreft geur was de Wet geurhinder en veehouderij een flinke aanscherping. Modellen bepaalden de geurbelasting tot een afstand van 10 kilometer. Kort daarna werd voor ammoniak het model AAgro-Stacks geïntroduceerd. Het netwerk van Natura 2000-gebieden, ontstaan uit de Europese Habitatrichtlijn van 1992 en de Vogelrichtlijn van 1979, zorgde er rond 2007 voor dat op basis van de Natuurbeschermingswet uit 1998 veel activiteiten in of nabij die gebieden voortaan natuurvergunningen nodig hadden. Toen dat in oktober 2010 werd verschoven naar provincies zijn onduidelijkheden en verschillen gegroeid.’

Waarom heeft Noord-Brabant de teugels extra strak aangetrokken voor veebedrijven?

‘De veedichtheid en de toenemende weerstand tegen uitbreidingen van met name intensieve veehouderijen. In 2009 ondertekenden de provincies Noord-Brabant en Limburg een convenant met ZLTO en LLTB om alle verouderde stalsystemen emissiearm te hebben gemaakt in 2028. De ambitieuze provincie wilde in 2017 plotseling meer tempo en wijzigde de Brabantse stallendeadline naar 2020. Dat jaartal werd daarna weer enkele keren opgeschoven, omdat de vergunningverlening vastliep.’

Chris van der Heijden
Chris van der Heijden is een van de zes directeuren bij Van Dun Groep. Daarnaast is hij adviseur ruimtelijke ordening en milieu en 25 jaar werkzaam bij Van Dun Advies. De zoon van een melkveehouder in het Brabantse Oostelbeers rondde de studie veehouderij aan de HAS in Den Bosch af. Startte bij de Milieudienst regio Eindhoven en werd een jaar later beleidsmedewerker ruimtelijke ordening en milieu bij de gemeente Eersel. Drie jaar hield hij zich daar bezig met vergunningverlening. Daarna stapte hij over naar zijn huidige werkgever om zich toe te leggen op onder meer het verzorgen van vergunningaanvragen.

’Op 12 december 2025 werden weer nieuwe stalregels vastgelegd, waarin de provincie een systematiek van meldingen voor het aanpassen van bestaande stallen introduceerde. Maar de voorbereiding van deze nieuwe regels is in een veel te korte tijd gedaan, en daardoor onzorgvuldig. Zo ontbrak bijvoorbeeld op 12 december de toelichting bij deze regelgeving nog. De onduidelijkheden in de regelgeving leverden honderden vragen op. Dat, en de combinatie met de stagnerende vergunningverlening, maakt het vrijwel onmogelijk om aan deze strenge regels te voldoen. Het lijkt er zelfs op dat we de oorspronkelijk stallendeadline van 2028 niet halen.’

Bedrijven zonder toereikende natuurvergunning zitten in de piepzak?

‘Dat kun je wel stellen: veehouders moeten de uitgangssituatie voor de vergunning of melding van hun activiteiten natrekken. In sommige gevallen moet je meer dan dertig jaar terug om de referentiesituatie te bepalen. Dat is veel puzzel- en uitzoekwerk. Erger nog: uitgangspunt is het laagste aantal dieren dat in die periode ooit op die locatie is gehouden. Brabant maakt er een flinke puinhoop van.’

Welke reacties merk je in het veld?

‘Boeren raken nog meer gefrustreerd, maken zich zorgen en reageren vaker gelaten bij nieuwe regels. De provincie jaagt ze op kosten, omdat wij werk voor de boeren moeten uitvoeren dat we liever niet doen. Wij zijn al sinds jaar en dag betrokken bij het ontwikkelen van bedrijven en het doorvoeren van vernieuwingen. Dit levert aan alle kanten winst op: boeren kunnen efficiënter werken en produceren, en tegelijkertijd emissies verlagen en het dierenwelzijn verbeteren.’

Toch zullen Brabantse boeren stappen moeten zetten?

‘Natuurlijk. Iedereen wil volgens de regels werken. Maar onduidelijkheden in de provinciale verordening dienen opgeheven te worden. Enkele weken geleden heeft de provincie een overgangsregeling aangekondigd, waarmee veehouders tot 2030 enkele bestaande emissiearme systemen, zoals de biologische combiluchtwassers, toe mogen passen. Dit is een stapje in de goede richting. Die regeling geldt voor stallen met varkens en kippen die ouder zijn dan vijftien jaar.’

Lees ook: ZLTO en POV kort geding over Brabantse stallendeadline

‘De overgangsregeling wordt op dit moment verder uitgewerkt. Hopelijk laten ze meer emissiereducerende stalsystemen onder die overgangsregeling vallen. Denk aan schuine putwanden bij gespeende biggen. Laat ze daar ook eerst onderzoek naar doen, voordat dergelijke systemen onnodig op de schroothoop belanden. Een positieve verandering is dat sinds 1 januari 2026 de eis aan het verlagen van de ammoniakuitstoot bij die oudere stallen is verlaagd van 85 naar 60 procent.’

Zijn er andere haken en ogen?

‘Het emissiearm gemaakt hebben van verouderde Brabantse stallen vóór 1 juli gaat niet lukken. Uiterlijk 1 juni 2026 zou de melding met het gekozen stalsysteem bij de provincie binnen moeten zijn. Vooral melkveehouders zitten in de rats, omdat stalmaatregelen kostbaar zijn en lastig financierbaar. Banken zijn terughoudend, zeker als er geen rechtsgeldige vergunning onder ligt.’

‘Varkenshouders kiezen massaal voor een luchtwasvariant. De leveranciers van luchtwassystemen komen om in het werk en hebben natuurlijk niet alleen Brabant als werkgebied. Als varkenshouder mag je blij zijn als je voor het eind van dit jaar een bestelde luchtwasser kunt plaatsen.’

Er is toch al op de stalregels voorgesorteerd?

‘Veel varkenshouders hebben vóór oktober 2023 een vergunningsaanvraag door ons laten indienen. Dit stond als verplichting in de Omgevingsverordening tot 1 januari 2025. Ze hebben dus al kosten gemaakt. Nu de provincie de regels heeft aangepast, zou een melding volstaan, maar daar hebben ondernemers weinig vertrouwen in. Een melding is maar een melding, zoals het slepende PAS-meldersdossier aantoont.’

Wat gebeurt er met die aanvragen?

‘Ik denk dat Brabant dit jaar de handen vol gaat krijgen aan het verwerken van de meldingen die veehouders nog gaan indienen. Het is nu wachten op de overgangsregeling. Waarschijnlijk weten we eind mei pas hoe die eruit komt te zien. Omdat dit een wijziging van de omgevingsverordening is, zal die pas in de Statenvergadering van 5 juni worden behandeld en vastgesteld. Veehouders weten dus daarna pas voor welke stalmaatregel ze kunnen gaan. Het beslissen over de stapel vergunningaanvragen wordt daarom vooruitgeschoven.’

Andere provincies gaan stug door?

‘Zo makkelijk gaat het nergens meer sinds de Raad van State in een uitspraak van 18 december 2024 het additionaliteitsvereiste scherper heeft weggezet. Daarmee is bedrijfsontwikkeling alleen nog maar mogelijk wanneer is aangetoond dat stikstofruimte niet nodig is om natuurdoelen te halen.’

Jongeren zijn doorzetters
‘Het gedoe met vergunningen, handhavingsverzoeken en het negatieve rond de sector doet iets met varkenshouders’, stelt Chris van der Heijden. ‘Gelukkig kunnen veel jonge gasten goed met die materie omgaan, omdat ze ermee opgegroeid zijn en het doorzettingsvermogen bezitten. Toch is talent verloren gegaan, omdat verschillende bedrijven waar een beoogd opvolger al jarenlang meewerkte toch is gegaan voor de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties. Jammer voor die jonge varkenshouders, maar ook voor de varkenshouderij.’

Bekijk meer over:

Stelling

Loading

Weer

  • Zaterdag
    17° / 13°
    50 %
  • Zondag
    18° / 12°
    15 %
  • Maandag
    18° / 12°
    10 %
Meer weer