P-S-V

De vee- en vleessector staat in de schijnwerper. Dat geldt voor u en dat geldt voor ons. Aan belangstelling hebben we geen gebrek. Dat is op zich positief. Want als ze niet meer over je praten, ben je niet meer de moeite waard. Of erger nog, zijn ze je vergeten. Dat zit dus wel goed.


Of toch niet? Want laten we eerlijk zijn; hoe dikwijls halen we de media in positieve zin? Veel te weinig. Alle sectorgenoten die lang genoeg in de spiegel kijken, weten waarom dat zo is. We zijn druk met onszelf. Druk met datgene te managen wat we zelf kunnen beheersen: onze eigen processen. Daar moeten we het namelijk van hebben. Denken we. En daar gaat het fout. Goed doen én goed uitleggen, maakt namelijk het onderscheid.


Dat begint met trots. Of je nu varkenshouder, slachterij, vleeswarenproducent, slager of supermarkt bent. Het wordt pas echt wat als we die trots ook actief uitdragen, door als een missionaris op pad te gaan. De meeste mensen -en dan gooi ik consumenten en burgers op één hoop- weten niet hoe we werken, waarom we zo werken, welke mooie producten we maken en wat dat betekent voor de people, planet en profit. Dat is niet het probleem van de onwetende consument, dat is ónze uitdaging.


En die valt niet mee. De meeste consumenten interesseert het namelijk bar weinig. De P van prijs, de S van smaak en de V van variatie zijn nog steeds de bepalende factoren in wat we eten: P-S-V. Zachtere factoren als duurzaamheid en dierenwelzijn nemen wel aan belang toe, omdat maatschappelijke organisaties ermee aan de haal gaan. De media pikken het op en brengen een superingewikkeld thema terug tot een simpele kop in de krant of op de site, die gemakkelijk in blijft hangen. Het weerleggen ervan vraagt véél meer uitleg. Terwijl de meeste consumenten dat niet boeiend vinden en alleen openstaan voor P-S-V.


Laten we ons daarom richten op die maatschappelijke organisaties die positief kritisch zijn en de tijd nemen voor ons mooie maar o zo complexe verhaal. Organisaties die dat mee durven en willen ontwikkelen en uitdragen. De Dierenbescherming bijvoorbeeld. Het vereist lef als je als Dierenbescherming een Beter Leven-kenmerk voor welzijn introduceert. Want van de meeste van de dieren wordt uiteindelijk toch vlees gemaakt.


Datzelfde lef geldt voor Albert Heijn. Die maakte een duidelijke keus: al het reguliere varkensvlees uit het schap en alleen nog Beter Leven-kenmerk 1-ster varkensvlees. Op de varkenshaas na, want die zitten er maar twee in één varken en daarvan komen we tekort.
En ik noem in het bijzonder de ruim 150 varkenshouders die voor het Beter Leven-kenmerk 1-ster kozen, hun bedrijf daarop aanpasten en via VION het vlees aan Albert Heijn leveren. Op jaarbasis circa 1.000.000 varkens. Het is een prachtvoorbeeld van partijen die elkaar weten te vinden en de Nederlandse varkenshouderij ermee op de kaart zetten.


Beter Leven-kenmerk varkensvlees is vlees met een verhaal, een communiceerbare meerwaarde. Want alleen daar gaat de huishoudportemonnee verder voor open. En voor P-S-V natuurlijk.
 

Lees ook

Online kennissessies

Vitale Varkenshouderij

Meld je hier aan

Stelling

Loading

Weer

  • Woensdag
    11° / 9°
    70 %
  • Donderdag
    9° / 3°
    20 %
  • Vrijdag
    9° / 8°
    70 %
Meer weer