%E2%80%98Varkenswereld+op+zijn+kop+in+Europa%E2%80%99
Blog
© Sjoerd Gerrits

‘Varkenswereld op zijn kop in Europa’

Een recente kop in een vakblad spreekt boekdelen: ‘In het noordwesten van Roemenië lieten zes varkenshouders een gloednieuwe, hypermoderne zeugenstal bouwen. Ze ontvingen 8,1 miljoen euro subsidie van het Roemeense ministerie van Landbouw.’ Laat één ding duidelijk zijn: ik gun deze ondernemers hun ontwikkeling, maar dit is wel de wereld op zijn kop.

Binnen Europa is economische slagkracht nu eenmaal ongelijk verdeeld. Dat is geen verrassing. Juist daarom is het Europese landbouwbeleid ooit ontworpen: om verschillen te verkleinen en een gelijk speelveld te creëren. Maar in de praktijk gebeurt het tegenovergestelde. De Europese varkenshouderij bevindt zich in een groeiend spanningsveld van marktwerking, milieuregels en overheidssteun, waarbij subsidieongelijkheid een steeds grotere rol speelt.

Subsidies kunnen de sector op meerdere manieren versterken. Niet alleen via directe inkomenssteun, maar ook via investeringen in innovatie, infrastructuur en verduurzaming. Lidstaten mogen daarnaast nationale steun verlenen om hun sector te ontwikkelen, mits deze is goedgekeurd door de Europese Commissie. Op papier klinkt dat logisch: landen moeten ruimte hebben om in te spelen op hun eigen situatie.

De meeste varkenshouders weten dat de uitkomst van dit Europese beleid extreem belemmerend is. Nederlandse en Belgische stallen worden met subsidie afgebroken, op de vrachtwagen gezet en met subsidie aan de andere kant van dezelfde markt weer opgebouwd. De kennissector wordt hier afgebroken en we krijgen er marktdruk voor terug.

Deze ongelijkheid raakt niet alleen individuele bedrijven, maar ondermijnt de hele sector. Bedrijven die wel royale steun ontvangen, kunnen goedkoper produceren en makkelijker investeren. Dat drukt de prijzen op de Europese markt en zet Nederlandse boeren verder klem

Dat zie je de afgelopen weken in Nederland. De Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties zou zorgen voor een gezondere marktbalans en betere prijzen. Het aantal slachtingen is inderdaad gedaald. Maar nog voordat de laatste stal is gesloopt, zijn de marges alweer verdwenen door een te volle Europese markt.

Vanuit Nederlands perspectief is dit simpelweg niet houdbaar. Als Europa werkelijk een interne markt wil met eerlijke concurrentie, dan moet het ook zorgen voor gelijke voorwaarden. Dat betekent: transparantie over nationale steun, strengere controle op oneerlijke subsidies en een herverdeling van middelen die innovatie en duurzaamheid daadwerkelijk beloont. Niet op papier, maar in de praktijk.

Eerlijke concurrentie begint bij eerlijke subsidies. Zolang die er niet zijn, blijft de Europese varkenshouderij verdeeld en betaalt de Nederlandse boer de prijs.

Sjoerd Gerrits

Specialist varkens De Heus Voeders

Bekijk meer over:

Stelling

Loading

Weer

  • Woensdag
    12° / 5°
    75 %
  • Donderdag
    12° / 5°
    80 %
  • Vrijdag
    12° / 5°
    90 %
Meer weer