Fokken+op+varkens+met+goed+gedrag+en+krulstaart
Achtergrond
© Van den Oetelaar Foto

Fokken op varkens met goed gedrag en krulstaart

Er zijn sociale varkens en minder sociale varkens, hele goede moederzeugen en wat minder goede moederzeugen. Het lastige is om dit objectief meetbaar te maken. Topigs Norsvin is daar al jaren mee bezig en heeft al diverse kenmerken in het fokdoel staan die een bijdrage leveren aan het houden van varkens met een krulstaart.

Wat is een rustige zeug? En wat zijn goede moedereigenschappen? Als je dat aan verschillende zeugenhouders vraagt, krijg je waarschijnlijk verschillende antwoorden. Voor het objectief meetbaar maken van de moedereigenschappen van zeugen heeft Topigs Norsvin de bigoverleving gekozen: hoeveel levend geboren biggen heeft een zeug, en welk percentage van die biggen brengt ze groot. Daarbij wordt het aantal pleegbiggen verrekend. Dat kenmerk wordt al zeker vijftien jaar als een van de selectiekenmerken gebruikt in het gebalanceerde fokprogramma van Topigs Norsvin.

'Onderzoek toont aan dat deze gerichte selectie zorgt voor zeugen die zich als betere moeders gedragen', weet adviseur genetica Roos Vogelzang van Topigs Norsvin. 'Daarbij is gekeken naar hoe zeugen met de beste of juist minder goede moedereigenschappen zich rond en na de geboorte van de biggen gedragen. Duidelijk is geworden dat biggen bij goede moeders veel sneller hun biest opnemen. De zeugen zijn rustiger, liggen meer op hun zij en roepen hun biggen om te komen drinken. Bij goede moeders is ook sprake van minder doodliggen.'

Deze effecten zijn vastgesteld in reguliere kraamhokken. Onderzoek op het voormalig Varkens Innovatie Centrum Sterksel heeft laten zien dat dit effect ook werkt bij zeugen in vrijloopkraamhokken of groepskraamhokken. Vogelzang: 'De goede moeders brengen ook in deze huisvesting meer biggen groot.'

Doe je het niet goed, dan kan ook het meest ‘aardige’ varken gaan bijten

Roos Vogelzang, Topigs Norsvin

Het sociale varken

Sinds een jaar of acht zit er nog een ander gedragsaspect verwerkt in het fokdoel van de fokkerijorganisatie: het sociale varken. Bij de selectie van de beste varkens is – naast kenmerken als hoge groei en goede voerconversie – ook van belang dat een varken zich goed gedraagt richting hokgenoten.

'Als het varken met de beste vleesproductie-eigenschappen continu de voerbak bewaakt en hokgenoten te weinig kans geeft om te eten en drinken, gaan de prestaties van die hokgenoten achteruit. Een varken met iets minder goede eigenschappen, maar die wel socialer is, laat de hokgenoten wel toe. Dat betekent dat de gemiddelde prestaties van alle varkens in het hok hoger zullen liggen.'

Deze sociale eigenschap heeft ook effect op staartbijten. Topigs Norsvin heeft dit getest met vleesvarkens in zowel conventionele hokken als in hokken met stro. Zowel in de conventionele hokken als in de hokken met stro is de gemiddelde schade gedaald bij de inzet van dieren met een positief genetisch effect op de groei van hokgenoten. Wel was duidelijk dat het effect van de omgeving groter is dan die van genetica. In de hokken met stro was het aandeel staartbijten altijd al lager, ook bij de minder sociale varkens.

Bijtgedrag voorkomen

'Met fokken op sociale varkens bereik je wel degelijk een effect, maar met alleen genetica kom je er dus niet', stelt Vogelzang. 'De omgeving en invloedsfactoren als het klimaat, de voeding en de mate van hokverrijking hebben een groter effect. Wanneer je alles perfect doet, kun je ook met minder sociale varkens bijtgedrag voorkomen. Doe je het niet goed, dan kan ook het meest 'aardige' varken toch gaan bijten.'

Een recent inzicht is dat niet alleen het aantal daders, maar ook het aantal slachtoffers gereduceerd moet worden ter voorkoming van bijtgedrag in de stal. 'Zijn er families waarin meer daders zitten, of juist families met meer slachtoffers? Daders objectief opsporen, is lastig. Slachtoffers op een objectieve manier identificeren lukt wel.'

Naar aanleiding van positieve onderzoeksresultaten is twee jaar geleden gestart om op wereldwijde schaal bij fokdieren rond de 120 kilo levend gewicht, de oor- en staartschade te scoren. Inmiddels zijn de gegevens van zo'n 200.000 fokvarkens bekend en kan het zoeken naar genetische componenten van zowel daders als slachtoffers beginnen.

SINS-onderzoek

Lopend onderzoek dat ook bijdraagt aan varkens met beter gedrag, is het onderzoek naar het Swine Inflammation and Necrosis Syndrome (SINS): een aandoening met inwendige ontstekingen die zorgt voor het afsterven van weefsel. Het weefsel dat afsterft, zit vooral in de minste extremiteiten. Denk aan randen van de oren en de staartpuntjes.

Studenten hebben voor dit onderzoek zesduizend biggen direct na de geboorte beoordeeld op verschijnselen. Ieder rood vlekje werd genoteerd. Daaruit blijkt dat ruim 50 procent van de biggen SINS-verschijnselen had. Dit is van belang, omdat de aandoening kan leiden tot afwijkend gedrag. Door ontstekingen kan een big jeuk krijgen, met als gevolg dat het dier gaat schuren aan het hok of de inrichting, maar ook dat een big door het onprettige gevoel gaat bijten.

De biggen zijn tot de slachtleeftijd gevolgd, waarbij vijf keer de schade is gescoord en het gedrag is gevolgd. De resultaten moeten nog worden verwerkt.

Gedrag meten met kunstmatige intelligentie
Al jaren wordt er onderzoek gedaan naar diergedrag met behulp van camera's en kunstmatige intelligentie. Doel is om de dieren met afwijkend gedrag op te sporen. Samen met gedrag van familieleden is dit bepalend voor de inzet in de fokkerij. Tegenwoordig is met een camera al te zien dat er onrust is in een hok, maar dan moet de varkenshouder zelf nog kijken wie de onrust veroorzaakt en ingrijpen. Voor de fokkerij is het nodig dat individuele dieren worden herkend. Daartoe is promotieonderzoek uitgevoerd. Onderzoekers hebben op tienduizenden beeldfragmenten boxen met punten op de dieren getekend. Daardoor kon het systeem leren om individuele dieren te herkennen en te blijven volgen. Dat lukt inmiddels goed. Het systeem kan bijvoorbeeld al dieren herkennen die over elkaar heen staan. Vervolgens moet het systeem leren om ongewenst gedrag te herkennen. In die fase bevindt het onderzoek zich nu. Het gaat nog wel even duren voordat ook dit lukt, maar als het zover is kan de dataverzameling snel worden opgeschaald. Daarmee kan een bijdrage worden geleverd aan de zoektocht naar sociale varkens zonder ongewenst gedrag, waarmee het mogelijk wordt om de krulstaart te behouden.

Online kennissessies

Vitale Varkenshouderij

Meld je hier aan

Stelling

Loading

Weer

  • Vrijdag
    10° / 6°
    70 %
  • Zaterdag
    10° / 5°
    30 %
  • Zondag
    11° / 2°
    30 %
Meer weer