Zonder+gedoe+gas+geven+bij+stap+naar+vergroening
Achtergrond
© Studio Van Assendelft

Zonder gedoe gas geven bij stap naar vergroening

De Nederlandse varkenshouderij werkt samen met ketenpartners aan een energie- en klimaatneutrale varkensvleesproductieketen in 2050. De energietransitie is een van de mogelijkheden om de klimaatimpact van de varkensvleesproductie te verlagen. Bij het doorvoeren van besparingsmaatregelen en het produceren van duurzame energie hebben varkensbedrijven al flinke stappen gezet. Vergroeningskansen liggen voor het grijpen, maar de weg bevat hobbels.

Een van de vijf ambities van de Coalitie Vitale Varkenshouderij (Coviva) is een erkende bijdrage leveren aan de klimaat- en energietransitie. De Nederlandse varkenshouderij werkt samen met ketenpartners aan een energie- en klimaatneutrale varkensvleesproductieketen in 2050. De sector zet in op hernieuwbare energieproductie via onder meer zonnepanelen, en energiebesparing via bijvoorbeeld het gebruik van energiezuinige ledverlichting.

Herbenutten van warmte op varkensbedrijven is mogelijk door warmtewisselaars en warmtepompen te plaatsen. Coviva ziet zelfs kansen voor een groene energieleverende varkenshouderij en een gunstige balans voor hernieuwbare energie in de keten.

De spreiding in het energieverbruik op varkensbedrijven is groot. Onderzoek dat accountancykantoor Abab heeft laten uitvoeren op zowel vleesvarkens- als zeugenbedrijven die deelnemen aan het concept ‘Varkens op zijn Best’ bevestigt dat. De energiekosten blijken te variëren van 0 euro tot 21,45 euro per afgeleverd vleesvarken en van 0 euro tot 4,69 euro per afgeleverde big. Die 0 euro wordt behaald op bedrijven die zelf energie opwekken en dit terugleveren aan het net.

Behoefte aan opslagcapaciteit in regio bepalend voor rendement accu

Hans van den Boom, Business Developer Duurzaam Ondernemen Food & Agri bij Rabobank

De hoogste bedragen worden veroorzaakt door meerdere redenen, zoals een hoge energieprijs in combinatie met een hoog verbruik. Verder blijkt dat de energiekosten op de grotere varkensbedrijven gemiddeld hoger zijn dan op de kleinere bedrijven. Het gebruik van een brijvoerinstallatie is hier deels debet aan.

Goede prestaties en energieverbruik

Opvallend is dat goede technische prestaties, zoals een hoge groei en lage voerconversie, op vleesvarkensbedrijven samengaan met een lager energieverbruik per afgeleverd varken. Bij zeugenbedrijven is het andersom: de bedrijven met het hoogste aantal levend geboren biggen en de laagste uitval hebben hogere energiekosten. ‘Zeugenhouders investeren dus extra in bigcomfort om te zorgen dat ze veel biggen van goede kwaliteit af kunnen leveren’, stelt bedrijfsadviseur André Klemans van Abab.

Wel zijn er volgens Klemans bij zeugenbedrijven eenvoudig energiebesparingen te behalen. ‘Dat zag ik op deze bedrijven ook tijdens de piek van de stroom- en gasprijzen. Soms worden de biggenlampen voor de zekerheid al één of twee dagen voor het werpen aangezet en blijven ze een paar dagen langer laten branden dan nodig is. Dat is echt verspilde energie,’ zegt hij.

‘Mijn advies: zet de lampen pas aan op moment dat de zeug gaat werpen en zet ze op half of helemaal uit zodra het kan. Zo’n lamp een dag langer laten branden, kost zomaar 1 euro per dag. Dus bij twee dagen extra en 2,4 cycli per zeug is dat bij duizend zeugen zomaar 4.800 euro extra aan energiekosten. Dat is te besparen door er alert op te zijn. En het is beter voor de zeug en biggen. Goed management gaat in dit geval samen met lagere energiekosten en betere resultaten.’

Bovenaanzicht van een duurzaam varkensbedrijf met brijvoedering, een vergistingsintallatie waarvan restwarmte wordt benut en een weide met zonnepanelen.
Bovenaanzicht van een duurzaam varkensbedrijf met brijvoedering, een vergistingsintallatie waarvan restwarmte wordt benut en een weide met zonnepanelen. © Jos Thelosen

De weg naar een energieneutrale varkenshouderij is er een met hobbels. Zo stelt de overheid jaarlijks een budget en spelregels vast voor de belangrijkste aanjagersregeling: de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE). Sinds 2020 is deze regeling verbreed tot Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++). Zo stimuleert de overheid de productie van schone, duurzame energie en CO2-reducerende projecten.

Subsidie wordt toegekend voor een periode van twaalf tot vijftien jaar. Naast een basisbedrag voor de kostprijs van de specifieke installatie, is er een correctiebedrag op basis van de gemiddelde elektriciteitsprijs van de werkelijke hoeveelheid opgewekte duurzame energie. Is de door de overheid jaarlijks vast te stellen gemiddelde elektriciteitsprijs hoog, dan kan dit voorkomen dat de leverancier van duurzame energie (een deel van) de als voorschot uitbetaalde SDE-subsidie moet terugbetalen.

Via de Energie-Investeringsaftrek (EIA) kunnen ondernemers energiebesparende investeringen aftrekken van de belasting. Belastingvoordeel kunnen ondernemers ook behalen met investeren in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen en technieken via de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). De overheid stelt hiervoor jaarlijks milieulijsten op.

ISDE-subsidie

De regeling Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) dient om energiebesparende maatregelen te treffen, zoals de aanschaf van een warmtepomp of zonneboiler. Bedrijven kunnen voor zonnepanelen ISDE-subsidie aanvragen.

Voor iedere varkenshouder is de overweging om al dan niet in de productie van hernieuwbare energie te stappen anders.

Een kritische succesfactor om energie terug te kunnen leveren als varkensbedrijf, is de ruimte op het regionale stroomnetwerk. Netcongestie levert op steeds meer plekken problemen op. Lukt het om een energieproductiesysteem aan te sluiten, dan zijn de voorwaarden en tarieven om de groene stroom terug te leveren van belang om optimaal rendement te behalen. De keuze voor een betrouwbare energieleverancier is lastig door overnames en naamswijzigingen.

Praktijk weerbarstig

Een ander aandachtspunt is het voorkomen van negatieve energieprijzen in de periode dat wordt teruggeleverd op het net. Een varkenshouder met meerdere locaties en zonnepanelen op het dak, noemt dat onbestaanbaar in een tijd dat iedereen de mond vol heeft van duurzaamheid. ‘Het is van de zotte dat ik de stekkers op piekmomenten uit de systemen moet trekken om financieel niet in het schip te gaan. Om er minder gedoe mee te hebben, denk ik erover om een stuurbox op de omvormers van de zonnesystemen te plaatsen.’

Hans van den Boom, Business Developer Duurzaam Ondernemen Food & Agri bij Rabobank, constateert dat de meeste (overblijvende) varkensboeren al zonnepanelen benutten. ‘Los van de lokale netcongestie, zal het aantal varkenshouders met zonnesystemen verder doorgroeien.’

Het aanschaffen van een bedrijfsaccu voor de tijdelijke opslag van duurzaam opgewekte stroom speelt in de gedachte van menig varkenshouder. Zo zijn negatieve stroomprijzen te omzeilen in piektijden. Het rendement van een accu laat zich volgens Van den Boom lastig voorspellen. ‘Het moet iets operationeels toevoegen, bijvoorbeeld dat netcongestie op de locatie een probleem is. In de avond en nacht levert de accu duurzame stroom voor het draaiend houden van de installaties op het bedrijf.’

Accucapaciteit

Een stapje verder gaat het aanschaffen van een accu met een veel grotere opslagcapaciteit. Zo’n opslagfaciliteit kan volgens de deskundige van Rabobank deels worden verhuurd aan energiebedrijven of netwerkbeheerders. Wel ontbeert het netbeheerders nogal eens aan mankracht en capaciteit om zo’n installatie snel aan te sluiten en is de locatie bepalend of er behoefte is aan accucapaciteit in de regio.

In het gebied van de eerdergenoemde varkenshouder lijkt dat het geval ‘We hebben een transformatorstation bij het bedrijf en het tussenplaatsen van een accu is in mijn ogen makkelijk. Ik word echter van het kastje naar de muur gestuurd en het blijft muisstil op de lijn met de netbeheerder. Het gedoe bezorgt mij koppijn: de energiemarkt is ziekelijk.’

Groen gas

Varkensmest gaat in de toekomst nadrukkelijker dienen als bron voor het opwekken van duurzame energie. Nu leveren varkenshouders vooral mest aan (co)vergisters met een input van 25.000 tot 600.000 ton per jaar. Groen gas of groene stroom produceren en mest centraal verwerken in combinatie met het wekelijks ophalen van mest bij varkenshouders, is volgens Van den Boom een goede oplossing.

‘Alleen worden weinig nieuwe vergunningen afgegeven voor deze grotere vergisters, omdat de overheid deze bij voorkeur ziet verschijnen op industrieterreinen. Het zou voor de bestaande mestverwerkingsinitiatieven, die vaak in eigendom zijn van varkenshouders, een mooie kans zijn wanneer die een vergister voor de productie van groen gas zouden kunnen toevoegen.’

Rendabele vergister

Het plaatsen van (mono)vergisters op varkensbedrijven zal volgens Van den Boom steeds meer worden toegepast als dagontmesting gemeengoed is geworden. ‘Voor een rendabele vergister met een groengasinstallatie op bedrijfsniveau is voldoende omvang en verse mest nodig.’

De deskundige van Rabobank meldt dat een installatie bij voorkeur een capaciteit moet hebben om jaarlijks minimaal 15.000 ton mest te kunnen vergisten. ‘Vaak is mestaanvoer van derden nodig om aan voldoende mestvolume te komen. Dat maakt het meer complex, maar door de schaalomvang ben je wel flexibeler om in te spelen om marktontwikkelingen en wijzigende wet- en regelgeving.’

Energiemarkt dankt liberalisering aan Europese Unie
De varkenshouderij heeft de mogelijkheid om energieproducent te worden te danken de Europese Unie. Het ‘vrije verkeer van kapitaal, goederen, diensten en mensen binnen de Europese Unie’ heeft gezorgd voor een omslag in de traditionele energiemarkt. Van oudsher waren energiegebruikers in Nederland gebonden aan de leverancier van elektriciteit en/of gas in het gebied waar de afnemer was gevestigd. Meestal was dezelfde partij als netbeheerder ook verantwoordelijk voor de infrastructuur, zoals kabels, buizen en meters. Concurrentie binnen die verschillende energieleveringsgebieden was er niet, waardoor de leverancier een monopoliepositie bezat. Met de ‘Gaswet en Elektriciteitswet 1998’ is de aanzet gegeven tot privatisering en liberalisering van de energiemarkt. In 2001 is gestart met het liberaliseren van de markt voor grootverbruikers. Per 1 juli 2004 is de energiemarkt volledig vrijgegeven voor elektriciteit en gas en is iedereen vrij om zelf een van de tientallen leveranciers te kiezen.

Online kennissessies

Vitale Varkenshouderij

Meld je hier aan

Stelling

Loading

Weer

  • Zaterdag
    30° / 17°
    40 %
  • Zondag
    24° / 17°
    75 %
  • Maandag
    22° / 14°
    20 %
Meer weer