
Auteur: John Lamers
Om de fosfaatefficientie op uw bedrijf te berekenen kunt u gebruik maken van de P-toets in bijgaande tabel. Daartoe moet u alle aanvoer van fosfaat via voer en dieren berekenen. En de afvoer via de dieren daar weer vanaf trekken. Wat overblijft is de fosfaat die via de mest weggaat.
De gegevens over het fosfaatgehalte van het voer krijgt u van de voerleverancier. Voor de hoeveelheid fosfaat in de dieren staan de normen in de tabel.
Het getal dat uit de berekening naar voren komt is de fosfaatefficiënte. Bij een afvoer van 4000 kilo fosfaat en een aanvoer van 10.000 kilo fosfaat komt het getal 0,40 als fosfaatefficiëntie uit de berekening naar voren. Anders gezegd 40 procent van de aanvoer leg je vast in de dieren, 60 procent komt in de mest terecht.
Er is afgesproken dat de fosfaatefficiëntie in 2011 beter moet dan het gemiddelde van 2007 t/m 2009 (zie tabel). Voor een zeugenbedrijf moet de fosfaatefficientie omhoog van 0,37 naar 0,40. Dat is een absolute verbetering met 0,03 maar dat betekent dat de zeugenhouders het fosfaat ruim 8 procent efficiënter moeten benutten (0,40 : 0,37 = 1,081) In 2013 is dan nogmaals een verbetering met 7,5 procent nodig (0,43 : 0,40 = 1,075).

Reacties
Nieuwe reactie inzenden